Van zaadje tot Snacker

Het begint allemaal met het zaadje. Snacker-zaadjes worden gezaaid in een tray waarin ze gaan kiemen. Vervolgens groeit er bij optimale leefomstandigheden een plantje uit. De leefomgeving, zoals klimaat, hoeveelheid water en licht, kunnen wij geheel sturen in onze kas, met als resultaat allemaal gelijke jonge plantjes.

Na een dag of tien worden de Snackerplantjes geënt. De bovenkant gaat op een andere onderstam. Eigenlijk krijgt het plantje dus een ander wortelgestel. Het is daardoor veel beter bestand tegen allerlei micro-organismen zoals virussen en bacteriën. Dit maakt de Snacker® dan ook zo bijzonder, hij houdt het over het algemeen véél beter vol dan andere ongeënte minikomkommerplanten. 

Na het enten mogen de babyplantjes een poosje bijkomen in onze lekker warme klimaatcellen. Daarna worden de plantjes opgepot in een grotere pot. Hierdoor krijgen de wortels meer ruimte en kunnen ze meer voedingsstoffen opnemen. De baby Snacker groeit zo lekker verder. Er worden stokken geplaatst, zodat de snorharen van de Snacker zich kunnen vastgrijpen. Snorharen zijn de lange dunne groene sprieten van de plant. Ze heten ook wel "baarden".

Langzaam maar zeker wordt de baby Snacker nu volwassen. Het is belangrijk om de Snacker voldoende water en voeding te geven. Na verloop van tijd verschijnen er gele bloemen aan de Snacker. Achter elk bloemetje zit een vruchtje dat uitgroeit tot een komkommertje. Na de bloei duurt het in de winterperiode ongeveer 8 dagen voordat het vruchtje oogstbaar is. In de zomer is een vruchtje al na 5 dagen oogstbaar.

Het komkommertje is oogstbaar voor consumptie als het 9 à 10 cm lang is. Zodra er 1 vruchtje geplukt kan worden, is de Snacker volwassen.